Intramed Expert

Zoek hier
Generic filters

Betalingsteksten

Je kunt een betalingstekst op een baliefactuur of nota instellen. Bijvoorbeeld om gewijzigde openingstijden, een nieuwe locatie of een ander bankrekeningnummer te melden. Of om een baliefactuur als voldaan af te kunnen tekenen.

Voor een baliefactuur stel je een betalingstekst in via het dagboek “Kas” of “Pin”.

Korte instructie

  1. Klik op menu [Financieel], [Boekhouding], [Dagboeken].
  2. Klik op een dagboek en op  om het dagboek te wijzigen of klik op  om een nieuw dagboek toe te voegen.
  3. Vul de velden in; voor zover van toepassing.
    Bewaar de gegevens (“F5” of )..
  4. Voeg zo nodig meer dagboeken toe; herhaal dan stappen 2 t/m 4.
  5. Sluit het scherm (“ESC” of  ).

Bij het verwerken van betalingen geef je het dagboek op. In een dagboek voeg je boekingen toe, die steeds betrekking hebben op één en dezelfde grootboekrekening (bijvoorbeeld de grootboekrekening van uw bank). Als je boekingen in dit dagboek inbrengt, hoef je alleen nog maar een tegen-grootboekrekening in te vullen (bijvoorbeeld “Debiteuren verzekeraar”, “Debiteuren particulier” of “Medicamenten / Verbruiksartikelen”).

In een boekhouding komen bijna altijd de volgende dagboeken voor: het kasboekbankboek(en), inkoopboekverkoopboekafgeboekte vorderingen en het memoriaal (diverse postenboek). Omdat de meeste boekingen gedaan worden op basis van uitgaven en ontvangsten in de kas of via een bank- of girorekening, zijn dit ook de meest gebruikte dagboeken.

Voor het bijwerken van grootboekrekeningen is het handig om eerst soortgelijke gegevens te ordenen in dagboeken. Aan de hand van de verzamelde gegevens in de dagboeken worden vervolgens via “boeken” de grootboekrekeningen bijgewerkt.

  1. Klik op menu [Financieel], [Boekhouding], [Dagboeken].
  2. Klik op een dagboek en klik op  om het dagboek te wijzigen of klik op  om een nieuw dagboek toe te voegen.
  3. Vul de velden in; voor zover van toepassing.

    Veld

    Omschrijving

    Dagboeknr:Bewaar de gegevens en dit nummer wordt automatisch ingevuld. Je kunt ook zelf een nummer invullen.
    Naam:

    Typ een naam voor het dagboek in.

     Zorg ervoor, dat je aan de naam kunt zien, welk dagboek het is. Je maakt zoveel dagboeken aan als je bank- of girorekeningnummers hebt waarvan je de afschriften in het programma verwerkt en waarvan je een controle op het saldo wil hebben. Het is dan bijvoorbeeld handig om in de naam van het dagboek de naam van de bank of het rekeningnummer te verwerken.

    Rekening:

    Klik op  en dubbelklik op een grootboekrekening waarop de bedragen geboekt moeten worden.

     In een dagboek “Memoriaal” moet dit veld leeg zijn.

    Laatste bewijsnummer:Je kunt bij het veld “Laatste bewijsnummer” bij bijvoorbeeld het dagboek van een bankrekening opgeven wat het bewijs- of volgnummer van het laatst ingevoerde afschrift is. Je hoeft dit maar eenmalig te doen. Het programma zal naderhand zelf de nummering bijhouden.
    Bankrekeningnummer:Als je gebruik maakt van internetbankieren, kun je je afschriften elektronisch binnenhalen en verwerken. Daarvoor moet je hier het nummer van jouw bank- / girorekening invoeren (gebruik eventueel één of twee voorloopnullen). Het programma weet dan, in een later stadium, bij welk dagboek een bepaalde boekingsregel hoort. Intramed ondersteunt de export-bestanden van Girotel zakelijk, van Lanschot, ING-bank, ABN/AMRO, Rabobank en SNS-bank.
    Betalingstekst op baliefactuur:Je kunt een betalingstekst op een baliefactuur instellen. Typ een tekst in.
  4. Bewaar de gegevens (“F5” of ).
  5. Voeg zo nodig meer dagboeken toe; herhaal dan stappen 2 t/m 4.
  6. Sluit het scherm (“ESC” of  ).

Je kunt algemene nota-instellingen doen (in de systeemgegevens) en per individuele medewerker (in de medewerkergegevens). Daar kun je ook een betalingstekst toevoegen.

In dit scherm vul je instellingen in met betrekking tot incasso’s. Je bepaalt de lay-out van nota’s en hoe je werkt met incasso’s.

  1. Vul de velden in de rubriek “Lay-outs” in; voor zover van toepassing.
  2. Druk op “TAB”; je gaat naar het volgende veld. Druk op “Shift” + “TAB”; je gaat naar het vorige veld.

    Veld

    Omschrijving

    Nota lay-out:
    Nota lay-out e-mail:
    Nota lay-out verkoop:
    Nota lay-out verkoop e-mail:

    Creditnota lay-out:
    Creditnota lay-out verkoop:
    Nota lay-out instellingen:
    Nota lay-out eigen bijdrage:
    Nota lay-out incasso:
    Nota lay-out mislukte incasso:
    Nota lay-out verkoop incasso:
    Nota lay-out verkoop mislukte incasso:

    BIj deze velden stel je de lay-out van nota’s in. Klik op de knop “Geavanceerd” om ook de layout van nota’s voor incasso, instellingen en eigenbijdrage in te stellen: klik op  en dubbelklik op de nota lay-out.

     Het selectiescherm “Selecteren Rapport” wordt steeds gefilterd op lay-out’s, die bij het soort nota beschikbaar zijn.

     Je kunt in het scherm “Selecteren Rapport” een bestaand rapport wijzigen: klik één keer op het rapport, en klik op .

  3. Vul de velden in de rubriek “Betalingsteksten” in; voor zover van toepassing.

    Veld

    Omschrijving

    Betalingstekst nota:
    Betalingstekst creditnota:
    Betalingstekst incasso:
    Betalingstekst mislukte incasso:

    Vul een tekst in die moet verschijnen op nota’s, bijvoorbeeld: “Met ingang van volgende maand wijzigt ons bankrekeningnummer!” of een betalingsinstructie. De tekst die je hier intypt, komt pas op de nota als je het veld “Betalingstekst:” toevoegt aan het nota ontwerp.

     Je kunt bij een medewerker een afwijkende tekst opgeven.

  4. Vul de velden in de rubriek “Overig” in; voor zover van toepassing.

    Veld

    Omschrijving

    Specificatie zittingen printenKies voor deze optie, als je wilt dat tijdens het printen van verzamelstaten ook een specificatie van de gedeclareerde zittingen wordt geprint.
    Incasso nota’s printen tijdens:

    Klik op  en kies “Declareren” of “Aanmaken incasso bestand”.

    Je geeft hiermee aan op welk moment de nota’s afgedrukt moeten worden. De optie “Declareren” betekent: gelijk bij het aanmaken van alle nota’s, en de optie “Aanmaken incasso bestand” betekent: bij het aanmaken van het incasso bestand.

     Bij de eerste optie is nog niet bekend wanneer de nota geïncasseerd zal worden en kan dat dus ook niet op de nota worden afgedrukt.

  5. Bewaar de gegevens (“F5” of ).

Op tabblad “5. Declareren” van de medewerker gegevens kun je afwijkende instellingen doen. Zo kun je instellen wie de declarant is voor de behandelingen die op de naam van de medewerker staan en kun je afwijkende nota lay-outs instellen.

Als je niets invult, worden de gegevens uit de systeemgegevens gebruikt.

Je hoeft niet alle velden in te vullen. Je kunt bijvoorbeeld ook alleen een afwijkende nota lay-out voor verkoop artikelen instellen.lleen medewerkers die ingedeeld zijn in de gebruikersgroep “Praktijkhouder / Eigenaar” hebben de rechten in Intramed om medewerkers toe te voegen, uit dienst te nemen of medewerkergegevens te wijzigen.

  1. Vul de velden in de rubriek “Verwerking” in; voor zover van toepassing.

    Veld

    Omschrijving

    Declarant:Klik op  en dubbelklik op de declarant voor de behandelingen.
    Servicebureau:Klik op  en dubbelklik op het servicebureau waar je de declaraties naartoe wil sturen.
    Gebruik servicebureau voor:

    Dit veld is alleen beschikbaar als je het veld “Servicebureau:” hebt ingevuld.

    Klik op  en kies wat je naar het servicebureau wil sturen: alleen patiëntnota’s, alleen verzamelstaten naar een verzekeraar, of alle declaraties.

  2. Vul de velden in de rubriek “Lay-outs” in; voor zover van toepassing.

    Veld

    Omschrijving

    Nota lay-out:
    Nota lay-out e-mail:
    Nota lay-out verkoop:
    Nota lay-out verkoop e-mail:

     

    Nota lay-out instellingen:
    Nota lay-out incasso:
    Nota lay-out mislukte incasso:
    Nota lay-out eigenbijdrage:
    Nota lay-out verkoop incasso:
    Nota lay-out verkoop mislukte incasso:

    Klik op  en dubbelklik op de nota lay-out.

     Als je op “Geavanceerd” klikt, zie je nog meer lay-out instellingen instellingen, incasso en eigen bijdrage. Incasso lay-outs kun je alleen instellen, als dit in de systeemgegevens (tabblad “2. Declareren”) geactiveerd is.

     Het selectiescherm “Selecteren Rapport” wordt steeds gefilterd op lay-out’s, die bij het soort nota beschikbaar zijn.

     Je kunt een rapport toevoegen of wijzigen:  of .

  3. Vul de velden in de rubriek “Betalingsteksten” in; voor zover van toepassing.

    Veld

    Omschrijving

    Betalingstekst nota:
    Betalingstekst creditnota:
    Betalingstekst incasso:
    Betalingstekst mislukte incasso:

    Typ een tekst in die moet verschijnen op nota’s, bijvoorbeeld: “Met ingang van volgende maand wijzigt ons bankrekeningnummer!” of een betalingsinstructie. De tekst die je intypt komt pas op de nota als je het veld “Betalingstekst:” toevoegt aan het nota ontwerp. Voor meer informatie, ga naar de “Zie ook” lijst onderaan deze uitleg.

     Je kunt voor alle medewerkers een standaard tekst opgeven.Voor meer informatie, ga naar de “Zie ook” lijst onderaan deze uitleg.

  4. Bewaar de gegevens (“F5” of  ).

Je moet nog wel het veld “Betalingstekst” toevoegen aan het nota-ontwerp dat je gebruikt; anders zie je een ingestelde betalingstekst niet.

In dit scherm kun je een bestaand rapportontwerp aanpassen, of een nieuw rapportontwerp toevoegen. 

  1. Vul de velden in; voor zover van toepassing.

    Veld

    Omschrijving

    Rapportnr:

    Automatisch wordt een nummer ingevuld wanneer je de gegevens bewaart; je kunt ook zelf een nummer invullen.

    Naam:

    Typ een naam voor het rapportontwerp in.

    Soort rapport:

    Klik op  en kies het soort rapport: verzamelstaat, nota, aanmaning, etiketten of afsprakenoverzicht.

     Per soort rapport heb je specifieke velden tot je beschikking. Als je het rapport bewaard hebt, kun je het soort niet meer wijzigen. 

    Soort nota:

    Dit veld is alleen zichtbaar als je bij het veld “Soort rapport:” gekozen hebt voor “Nota” of “Aanmaning”.

    Klik op  en kies het soort nota. Bij een nota en een aanmaning kun je kiezen voor “Per verrichtingscode”, “Per gelijke behandeling”, “Per declaratieregel” (o.a. voor verkopen) of “Per declaratieregel (incl. tijdbesteding)” (in eerste instantie voor de GGZ toegevoegd).

    Etiketsoort:

    Dit veld is alleen zichtbaar als je bij het veld “Soort rapport:” gekozen hebt voor “Etiketten”.

    Klik op  en kies de groep geadresseerden voor wie je een etiketontwerp wil maken.

  2. Klik op “Ontwerp…”.

    Er zijn al, afhankelijk van het soort rapport wat je gekozen hebt, objecten in gebieden geplaatst zodat je niet alles zelf hoeft toe te voegen.
  3. In het rapport kun je allerlei zaken wijzigen. Voor meer informatie, ga naar de “Zie ook” lijst onderaan deze uitleg.
  4. Klik zo nodig op .
  5. Vul de velden in; hou hierbij rekening met eventueel voorbedrukt papier.

    Veld

    Omschrijving

    Papierformaat

    Klik op  en kies het standaard papierformaat.

    Breedte (mm)

    Typ de papierbreedte in of gebruik .

    Hoogte (mm)

    Typ de papierhoogte in of gebruik .

    Linkermarge

    Typ de linkermarge in (in millimeter) of gebruik . Een linker marge van 20 mm bijvoorbeeld geeft voldoende ruimte voor gaatjes. Maak je gebruik van acceptgiro’s, stel dan de linker- en rechtermarge van het ontwerp in op bijvoorbeeld 5 mm aan beide zijden.

    Rechtermarge

    Typ de rechtermarge in (in millimeter) of gebruik .

    Bovenmarge

    Typ de bovenmarge in (in millimeter) of gebruik . Hou hierbij rekening met een briefhoofd (+ logo) op voorbedrukt papier. 

    Ondermarge

    Typ de ondermarge in (in millimeter) of gebruik . Hou hierbij rekening met gegevens op voorbedrukt papier.

    Afdrukstand

    Vink “Staand” of “Liggend” aan. Bij verzamelstaten wordt vaak de afdrukstand ingesteld op “Liggend” omdat je naast elkaar dan meer kolommen met informatie kwijt kan.

    Voorbeeld

    Hier zie je hoe de instellingen het rapportontwerp veranderen.

  6. Klik op “OK”.
  7. Klik zo nodig op .
  8. Vul de velden in.

    Veld

    Omschrijving

    Uitlijnen op rooster

    Vink deze optie aan als je de velden op de zwarte puntjes in het rooster wilt uitlijnen. Daardoor kun je velden gemakkelijker precies naast/onder elkaar zetten. Deze mogelijkheid is standaard aangevinkt.

    Rooster zichtbaar

    Vink deze optie aan als je wilt dat het rooster (de zwarte puntjes in het rooster) zichtbaar is. Deze mogelijkheid is standaard aangevinkt.

    Breedte

    Typ de breedte tussen de zwarte puntjes in het rooster in of gebruik . Standaard is 8 ingevuld.

    Hoogte

    Typ de hoogte tussen de zwarte puntjes in het rooster in of gebruik . Standaard is 8 ingevuld.

  9. Klik op “OK”.
  10. Bewaar de gegevens (“F5” of  ).