Intramed Expert

Zoek hier
Generic filters

Menu’s, iconen en knoppen

Gebruiksgemak staat voorop in Intramed. Wil je met de muis werken, of liever zoveel mogelijk met het toetsenbord? Het kan beide. Via de menu’s en iconen roep je de gegevensschermen op.

Als Intramed is gestart, zie je het hoofdscherm.

Het hoofdscherm van Intramed blijft altijd in beeld. Het hoofdscherm bestaat onder andere uit een menu- en werkbalk. Via deze balken bereik je belangrijke functionaliteiten, zoals de patiëntenlijst, de zoekfunctie, filterfunctie, en kopiëren en plakken. In andere hoofdstukken zullen we steeds verwijzen naar de menu- en werkbalk, dus het is handig als je deze functionaliteiten al (her)kent.

In de blauwe balk bovenaan, de titelbalk zie je:

  • de naam van het programma met de actuele versie;
  • de administratie waarin je ingelogd bent;
  • tussen haakjes jouw debiteurnummer;
  • de aangemelde gebruiker.
 

Als je contact opneemt met het servicecentrum voor vragen of problemen, vragen zij naar jouw debiteurnummer om je beter van dienst te kunnen zijn. Dit nummer vind je dus in de titelbalk.

De balk daaronder noemen we de menubalk; hierin vind je een aantal knoppen. Als je op een knop klikt, wordt een menu geopend.

De balk onder de menubalk noemen we de werkbalk; hierin vind je een aantal iconen. Door op een icoon te klikken, start je een functionaliteit op, bijvoorbeeld “Wijzigen” of “Toevoegen”. Deze functionaliteit geldt voor het scherm dat je open hebt staan. Als je bijvoorbeeld de patiëntenlijst hebt geopend en klikt op het icoon “Toevoegen”, wordt er een nieuwe patiënt toegevoegd.  

Als iconen grijs zijn, kun je ze niet gebruiken. Afhankelijk van het scherm waar je in staat, wordt een icoon helder en kun je het wel gebruiken.

 

Als je met de muisaanwijzer op een icoon richt, krijg je een hint wat de functionaliteit van dat icoon is. De bijbehorende sneltoets op het toetsenbord staat tussen haakjes.

In het grijze schermgedeelte onder de bovenste drie balken verschijnen de diverse schermen die je opstart via de menubalk. In die schermen kun je gegevens invoeren, handelingen uitvoeren en/of overzichten bekijken.

Helemaal onderin zie je de statusbalk. Hierin zie je bij lijstschermen bijvoorbeeld op welke manier de gegevens zijn gesorteerd en/of dat filters er ingesteld zijn.

Links in Intramed zie je de sidebar. In dit scherm staan (gebaseerd op de rechten van de gebruiker) de meest voorkomende acties. Uitgangspunt is dat je zo snel mogelijk naar de juiste plaats in Intramed kunt navigeren.

 

Via deze link kun je het bijbehorende filmpje bekijken.

  

Je kunt de sidebar verplaatsen op het scherm of zelfs naar een tweede beeldscherm. Klik in de titel van de sidebar (“Start”), hou de linker muisknop ingedrukt en verschuif de muis. Laat de muisknop los op de plek waar je de sidebar wilt plaatsen.

Links van het hoofdscherm is een (onzichtbaar) gebied gemaakt, waarin je de sidebar kunt vastzetten, een zogenaamd “dockpanel”. Daarvoor sleep je de sidebar zover mogelijk naar links in het scherm. Een halfdoorzichtige rechthoek geef aan, waar de sidebar gedockt wordt.

 

Je kunt ook dubbelklikken in de titel van de sidebar (“Start”). De sidebar verplaatst naar de plek waar die het laatst gedockt was.

De Intramed Help heeft ook zo’n dockpanel aan de rechterkant van het scherm. In zowel het linker als rechter dockpanel kunnen de schermen van de sidebar en de help vastgezet worden. De schermen kunnen boven, onder, links of rechts naast elkaar worden gedockt, door ze naar de juiste plaats te slepen.

De inhoud van de dockpanels (welk scherm is waar gedockt) wordt bewaard.

Tabbladen in het linker dockpanel

Als je de sidebar (en ook de proactieve help) even niet nodig hebt, kun je ze in de linker sidebar als tabbladen aan Intramed vastmaken.

Schermen die gedockt zijn in die sidebar hebben in hun titelbalk een “pin”-icoon, dat standaard rechtop is getekend (dan is het scherm vastgepind aan de sidebar).

Door op het icoon te klikken wordt de sidebar ingeklapt. Deze wordt dan als verticale tab getoond aan de linkerkant van het venster.

Door de muis over de tab te bewegen, zal het venster automatisch uitklappen. Als je op de tab klikt, zal het venster uitgeklapt blijven als de muis de sidebar verlaat, totdat een ander scherm in die sidebar wordt geactiveerd.

Gebruikersrechten

In de gebruikersgroepen is tabblad “2. Acties” aangepast. Hierin kun je acties aan-/uitvinken die de gebruikersgroep wel/niet mag uitvoeren. Acties die een gebruiker wel mag uitvoeren, worden opgenomen in de sidebar voor medewerkers die tot die gebruikersgroep behoren.

 

In de sidebar is de rubriek [Controlerapporten], [GGZ] alleen zichtbaar te maken, als er een GGZ-codelijst in de administratie aanwezig is.

In de werkbalk van het hoofdscherm zijn onder de eerste vier iconen belangrijke functies ingebouwd:

Klik hierop om ingevulde gegevens te bewaren. Er wordt niet meer om een bevestiging gevraagd. De sneltoets is “F5”.

Klik hierop om schermen met gegevens te openen en aan te passen. De sneltoets is “Ctrl” + “W”.

Klik hierop om nieuwe gegevens in te voeren. De sneltoets is “Ctrl” + “Insert”.

Klik hierop om ingevulde gegevens te verwijderen. De sneltoets is “Ctrl” + “Delete”.

In veel schermen kom je (vaak links onderin) drie knoppen met belangrijke functies tegen: 

Klik hierop en krijg een menu met verschillende schermen. Dit zijn altijd schermen, die iets te maken hebben met het geopende scherm. Als je op een schermregel klikt, wordt dat scherm direct geopend. 

 Zo kun je bijvoorbeeld via “Schermen” in de agenda, direct naar de patiëntgegevens van een patiënt waar je met de muis op staat.

Klik hierop en krijg een menu met verschillende opties. Dit zijn altijd handelingen, die iets met het geopende scherm te maken hebben.  

 In de agenda kun je bijvoorbeeld via “Opties” een afspraak zoeken.

Klik hierop en krijg een menu met verschillende printopties. Dit zijn overzichten, brieven etc, die iets met het geopende scherm te maken hebben.

 Je kunt bijvoorbeeld via “Printen” in de agenda een afspraakherinnering (mailing) sturen naar patiënten. 

Naast de muis kun je Intramed ook met het toetsenbord bedienen.

De menubalk

  • Als je op de “Alt”-toets drukt, worden een aantal letters in de menubalk onderstreept.
  • Met de pijltjestoetsen “wandel” je door alle menu’s () en functies binnen een menu ().
  • Als je op de “Enter” drukt, wordt de functie gekozen.
  • Als je nogmaals op “Alt” drukt, verlaat je de werkbalk.  
 

Je kunt ook een toets(combinatie) gebruiken om een menu of functie te openen. Zodra je op “Alt” drukt, worden een aantal letters in de menubalk onderstreept. Als je vervolgens een onderstreepte letter intypt, (bijvoorbeeld “b”), wordt het bijbehorende menu of scherm geopend (in dit geval “Bestand”).

In dit menu zie je dat er op elke regel een letter onderstreept is. Als je een letter intypt, wordt het bijbehorende scherm geopend.
Zo open je bijvoorbeeld de patiëntenlijst op de volgende manier: druk op “Alt”, typ “b”, “p”.

 

In de menu’s wordt achter veel functies ook een toets(-combinatie) aangegeven, waarmee je direct het scherm of de functie kunt openen. 

Als je bijvoorbeeld gegevens wil bewaren, hoef je dus niet naar menu [Bewerken], [Bewaar]; je kunt direct op “F5” drukken.

De werkbalk

De werkbalk kun je ook met het toetsenbord bedienen door een toets(combinatie) in te drukken.Als je met de muispijl op een icoon in de werkbalk wijst, wordt een hint geopend. Daarin staat de functienaam van het icoon, en de bijbehorende toets(combinatie):

In plaats van op het icoon klikken, kun je dus ook de bijbehorende toets(combinatie) gebruiken; in dit geval “Ctrl”+”Ins”.