Intramed Expert

Zoek hier
Generic filters

Behandelplan

In het formulier “Behandelplan” vind je een tabel waarin je je hele plan kunt samenstellen en monitoren.

In verslagleggingsrichtlijnen vind je het formulier “Behandelplan”. Daarin leg je per patiënt het beoogde eindresultaat, de tussenresultaten/-doelen met streefdatum, geplande verrichtingen en behandelafspraken vast.

 

Via de volgende link kun je het bijbehorende filmpje bekijken https://youtu.be/qppJYY3LUqc

Je kunt dit behandelplan nader uitwerken en preciezer maken. Je kunt het behandelplan verder indelen door aan te geven, welk hoofd- en/of subdoelen je wilt bereiken. Daarbij leg je vast, welke verrichtingen je gaat uitvoeren om dat doel te bereiken. Je kunt ook taken opnemen, zoals wanneer welke rapportage verstuurd moet worden. Je kunt ook alvast een tussenevaluatie inplannen.

En er kan meer: je kunt bijhouden welke doelen, taken, verrichtingen etc. gedaan en afgerond zijn. Deze voortgangscontrole is zichtbaar in de verslaglegging. Ook kun je aangeven wie de taak moet uitvoeren.

 

In het voorbeeld is het behandelplan uitgebreid uitgewerkt. Je kunt het behandelplan ook gebruiken als planningshulpmiddel. Je kunt een rapportage, tussenevaluatie of een specifieke verrichting inplannen in een bepaalde periode. Als de begindatum bereikt is, waarschuwt Intramed dat je een taak hebt ingepland, maar nog niet hebt uitgevoerd.

De ontwerper van (aanvullende) verslagleggingsrichtlijnen kan daar één of meerdere behandelrichtlijnen aan gekoppeld hebben. Een behandelrichtlijn is eigenlijk een standaard invulling voor het uitgebreide behandelplan. Om behandelrichtlijnen te kunnen gebruiken, moet je aan enkele voorwaarden voldoen:

  • je hebt een Intramed PLUS licentie;
  • je hebt bij een patiënt in de verslagleggingsrichtlijn het formulier “Behandelplan” ingevuld.

Een behandelrichtlijn oproepen

  1. Klik op menu [Bestand], [Patiënten] en dubbelklik op een patiënt.
  2. Klik op tabblad “4. Behandelepisodes” en dubbelklik op een behandelepisode.
  3. Ga op tabblad “1. Verslaglegging” naar het uitgebreide behandelplan (de tabel “Doelen en verrichtingen” in het formulier “Behandelplan”).
  4. Klik op  boven de behandelplantabel.
  5. Klik op de gewenste behandelrichtlijn.
  6. Klik op “OK”. De tabel “Doelen en verrichtingen” wordt ingevuld.
 

 Als je in de tabel met de rechter muisknop klikt, zie je in het menu ook “Behandelrichtlijn gebruiken…”.

 

Als er in de basisverslagleggingsrichtlijn geen behandelrichtlijnen zijn, wordt standaard de eerste bijbehorende aanvullende verslagleggingsrichtlijn met een behandelrichtlijn geselecteerd.

Door een behandelrichtlijn te gebruiken, wordt de lijst behandelonderdelen voor jou gevuld. Je kunt onderdelen van het uitgebreide behandelplan nog wijzigen of verwijderen. Voor meer informatie, ga naar de “Zie ook” lijst onderaan deze uitleg.

Extra informatie

In aanvullende verslagleggingsrichtlijnen kunnen formulieren voorkomen waarbij is aangegeven, dat zij automatisch aangemaakt moeten worden. Als je een behandelrichtlijn uit zo’n aanvullende verslagleggingsrichtlijn oproept, worden formulieren die automatisch aangemaakt worden, ook direct toegevoegd.

In de verslaglegging blijft het eerder geopende formulier actief. Het automatisch toegevoegde formulier wordt dus NIET geselecteerd.

Als je (aanvullende) verslagleggingsrichtlijnen gebruikt waarin de ontwerper hebt aangegeven dat je het behandelplan verder kan uitwerken, kun je behandelplannen gebruiken bij een patiënt.

 

Via de volgende link kun je het bijbehorende filmpje bekijken https://youtu.be/qppJYY3LUqc

 

Om van deze mogelijkheid gebruik te kunnen maken, moet je (aanvullende) verslagleggingsrichtlijnen hebben waarin de ontwerper heeft aangegeven, dat je het behandelplan verder kan uitwerken. Alle verslagleggingsrichtlijnen van Intramed zijn van deze mogelijkheid voorzien.

  1. Zoek en selecteer in de agenda een afspraak van de patiënt.
  2. Klik op Alt + F2.
  3. Klik in de navigatie boomstructuur op het formulier “Behandelplan”, ga naar de behandelplantabel. Boven deze tabel zie je een aantal iconen.
 

De behandelplantabel is altijd zichtbaar; ook als je het vak voor “Alleen verplichte velden” hebt aangevinkt.

 

Je komt er ook via menu [Bestand], [Patiënten], dubbelklik op een patiënt, ga naar tabblad “4. Behandelepisodes” en dubbelklik op de behandelepisode.

Via de iconen kun je behandelplanonderdelen toevoegen:

Een hoofddoel of een subdoel invoegen. Hiermee leg je een bepaald resultaat vast, wat in een bepaalde periode (bijvoorbeeld per ingevuld tussendoel uit het formulier “Behandelplan”) behaald moet zijn. Dat kan via een meetinstrument zoals een VAS-vragenlijst. Bij de te gebruiken meetinstrumenten kun je een doelwaarde opgeven.

Een verrichting invoegen. Hierbij gaat het om een medische handeling.

Een taak invoegen. Zoals het bespreken van de voortgang met een patiënt, overleg met de verwijzer, uitvoeren van een (tussen)evaluatie of uitvoeren van een rapportage.

Een tussenevaluatie inplannen.

Een af te nemen vragenlijst inplannen.

Een af te nemen testverslag inplannen.

Een te versturen brief inplannen.

Een behandelrichtlijn invoegen. Voor meer informatie, ga naar de “Zie ook” lijst onderaan deze uitleg.

Als je in de tabel met de rechter muisknop klikt, zie je een menu met dezelfde keuzes.

Door behandelplanonderdelen toe te voegen aan de lijst, kun je naar eigen inzicht het behandelplan verder uitwerken.

Een hoofddoel toevoegen

  1. Klik op .
  2. Vul de velden in de rubriek “Toevoegen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Voor het geselecteerde onderdeel

    Na het geselecteerde onderdeel

    Standaard wordt een behandelplanonderdeel na het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Je kunt (vanaf het tweede behandelonderdeel) aanvinken, dat het voor het geselecteerde behandelplanonderdeel ingevoegd moet worden.

  3. Vul de velden in de rubriek “Algemeen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Soort:

    Hier wordt standaard “Doel” ingevuld; je kunt dit wijzigen.

    Begindatum:

    Typ de begindatum in of gebruik de kalender via .

    Einddatum:

    Typ de einddatum in of gebruik de kalender via .

  4. Vul de velden in de rubriek “Doel” in.

    Veld

    Omschrijving

    Hoofddoel

    Vink aan, dat het om een hoofddoel gaat; een doel voor een langere periode (bijvoorbeeld het eerste tussendoel uit het oorspronkelijke behandelplan).

    Omschrijving:

    Typ hier het te behalen resultaat in. 

    Meetinstrument gebruiken

    Vink dit vak aan als je een meetinstrument wilt gebruiken. De lijst die daaronder staat wordt dan actief en je kunt het gewenste meetinstrument selecteren. 

  5. Klik op “OK” om het doel in te plannen.

Een subdoel toevoegen

  1. Klik op .
  2. Vul de velden in de rubriek “Toevoegen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Voor het geselecteerde onderdeel

    Na het geselecteerde onderdeel

    Standaard wordt een behandelplanonderdeel na het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Je kunt (vanaf het tweede behandelonderdeel) aanvinken, dat het voor het geselecteerde behandelplanonderdeel ingevoegd moet worden.

  3. Vul de velden in de rubriek “Algemeen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Soort:

    Hier wordt standaard “Doel” ingevuld; je kunt dit wijzigen.

    Begindatum:

    Typ de begindatum in of gebruik de kalender via .

    Einddatum:

    Typ de einddatum in of gebruik de kalender via .

  4. Vul de velden in de rubriek “Doel” in.

    Veld

    Omschrijving

    Hoofddoel

    Voor een subdoel laat je het vinkje bij het veld “Hoofddoel” weg. 

    Omschrijving:

    Typ hier het te behalen resultaat in. 

    Meetinstrument gebruiken

    We gebruiken nu een meetinstrument. Je kunt zien, dat je uit de aan de verslagleggingsrichtlijn gekoppelde meetinstrumenten (vragenlijsten) kunt kiezn. Bij een meetinstrument kun je een doelwaarde opgeven. Daarvoor zie je eventueel de “Huidige waarde”: de waarde zoals in eenzelfde eerder ingevuld meetinstrument.  

  5. Klik op “OK” om het doel in te plannen.
 

Bij een meetinstrument met meerdere resultaten, moet je aparte regels invoeren met doelwaarden. Dit is bijvoorbeeld zo bij een VAS: daar is een score voor pijn en een score voor stijfheid.

 

Je kunt alleen meetinstrumenten kiezen, die al eerder in een formulier (zoals “Onderzoek”) toegevoegd zijn.

Een verrichting toevoegen

  1. Klik op .
  2. Vul de velden in de rubriek “Toevoegen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Voor het geselecteerde onderdeel

    Na het geselecteerde onderdeel

    Standaard wordt een behandelplanonderdeel na het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Je kunt (vanaf het tweede behandelonderdeel) aanvinken, dat het voor het geselecteerde behandelplanonderdeel ingevoegd moet worden.

  3. Vul de velden in de rubriek “Algemeen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Soort:

    Hier wordt standaard “Verrichting” ingevuld; je kunt dit wijzigen.

    Begindatum:

    Typ de begindatum in of gebruik de kalender via .

    Einddatum:

    Typ de einddatum in of gebruik de kalender via .

  4. Vul de velden in de rubriek “Verrichting” in.

    Veld

    Omschrijving

    Omschrijving:

    Typ hier een omschrijving van de medische verrichting in.

  5. Klik op “OK” om de verrichting in te plannen.

Een taak toevoegen

  1. Klik op .
  2. Vul de velden in de rubriek “Toevoegen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Voor het geselecteerde onderdeel

    Na het geselecteerde onderdeel

    Standaard wordt een behandelplanonderdeel na het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Je kunt (vanaf het tweede behandelonderdeel) aanvinken, dat het voor het geselecteerde behandelplanonderdeel ingevoegd moet worden.

  3. Vul de velden in de rubriek “Algemeen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Soort:

    Hier wordt standaard “Taak” ingevuld; je kunt dit wijzigen.

    Begindatum:

    Typ de begindatum in of gebruik de kalender via .

    Einddatum:

    Typ de einddatum in of gebruik de kalender via .

  4. Vul de velden in de rubriek “Taak” in.

    Veld

    Omschrijving

    Omschrijving:

    Typ hier een omschrijving van de taak in.

  5. Klik op “OK” om de taak in te plannen.

Een tussenevaluatie inplannen

  1. Klik op .
  2. Vul de velden in de rubriek “Toevoegen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Voor het geselecteerde onderdeel

    Na het geselecteerde onderdeel

    Standaard wordt een behandelplanonderdeel na het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Je kunt (vanaf het tweede behandelonderdeel) aanvinken, dat het voor het geselecteerde behandelplanonderdeel ingevoegd moet worden.

  3. Vul de velden in de rubriek “Algemeen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Soort:

    Hier wordt standaard “Formulier” ingevuld; je kunt dit wijzigen.

    Begindatum:

    Typ de begindatum in of gebruik de kalender via .

    Einddatum:

    Typ de einddatum in of gebruik de kalender via .

  4. Vul de velden in de rubriek “Formulier” in.

    Veld

    Omschrijving

    Formulierdefinitie:

    Hier wordt standaard het in de verslagleggingsrichtlijn beschikbare tussenevaluatie formulier ingevuld.

    Als er meerdere tussenevaluatie formulieren beschikbaar zijn, klik je op  achter het veld en klik je op het gewenste formulier.

    Omschrijving:

    Hier wordt de naam van het tussenevaluatie formulier ingevuld.

  5. Klik op “OK” om de tussenevaluatie in te plannen.
 

Een nieuw behandelplanonderdeel wordt in de lijst onder het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Let daarom goed op, welk behandelplanonderdeel geselecteerd is.
Als je niets doet, blijft dat het eerste behandelplanonderdeel dat je ingevoerd hebt.
Selecteer (door erop te klikken) dus altijd eerst de regel, waarna of waarvoor je een nieuw behandelplanonderdeel wilt invoegen.

Een vragenlijst inplannen

  1. Klik op .
     
     

    Als je gebruik maakt van online vragenlijsten, is ook de rubriek “Automatisch aanbieden” beschikbaar. Hier kun je instellen of je de vragenlijst automatisch online wilt versturen (bijvoorbeeld 2 weken na de eerste behandeling). Ga via de “Zie ook” lijst onderaan deze uitleg naar verdere instructies.

  2. Vul de velden in de rubriek “Toevoegen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Voor het geselecteerde onderdeel

    Na het geselecteerde onderdeel

    Standaard wordt een behandelplanonderdeel na het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Je kunt (vanaf het tweede behandelonderdeel) aanvinken, dat het voor het geselecteerde behandelplanonderdeel ingevoegd moet worden.

  3. Vul de velden in de rubriek “Algemeen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Soort:

    Hier wordt standaard “Vragenlijst” ingevuld; je kunt dit wijzigen.

    Begindatum:

    Typ de begindatum in of gebruik de kalender via .

    Einddatum:

    Typ de einddatum in of gebruik de kalender via .

  4. Vul de velden in de rubriek “Formulier” in.

    Veld

    Omschrijving

    Omschrijving:

    Hier kun je een omschrijving intypen. Deze is zichtbaar in de behandelplantabel. Als je niets invult, wordt in de behandelplantabel de naam van het meetinstrument getoond.

    Vragenlijsten:

    Voordat je een meetinstrument kunt inplannen, moet je het eerst selecteren. Dat kan een al eerder gebruikt meetinstrument zijn, of een nieuw.

    Al eerder gebruikt meetinstrument selecteren

    In het kader “Vragenlijsten:” zie je de meetinstrumenten die al een keer gebruikt zijn in de verslaglegging van deze behandelepisode van de patiënt. Klik op het meetinstrument dat je wilt toevoegen.

    Nieuw meetinstrument selecteren

    Wil je een nieuw meetinstrument inplannen? Klik dan op de knop “Overige vragenlijsten” of “Overige testverslagen”. In het scherm “Formulieren selecteren” kun je vervolgens het betreffende meetinstrument zoeken.
    Dubbelklik op het gevonden meetinstrument om het toe te voegen aan de lijst.

    Het meetinstrument wordt toegevoegd aan de lijst en is automatisch geselecteerd:

  5. Klik op “OK” om de vragenlijst toe te voegen.
 

Een nieuw behandelplanonderdeel wordt in de lijst onder het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Let daarom goed op, welk behandelplanonderdeel geselecteerd is.
Als je niets doet, blijft dat het eerste behandelplanonderdeel dat je ingevoerd hebt.
Selecteer (door erop te klikken) dus altijd eerst de regel, waarna of waarvoor je een nieuw behandelplanonderdeel wilt invoegen.

Een testverslag inplannen

  1. Klik op .
  2. Vul de velden in de rubriek “Toevoegen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Voor het geselecteerde onderdeel

    Na het geselecteerde onderdeel

    Standaard wordt een behandelplanonderdeel na het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Je kunt (vanaf het tweede behandelonderdeel) aanvinken, dat het voor het geselecteerde behandelplanonderdeel ingevoegd moet worden.

  3. Vul de velden in de rubriek “Algemeen” in.

    Veld

    Omschrijving

    Soort:

    Hier wordt standaard “Testverslag” ingevuld; je kunt dit wijzigen.

    Begindatum:

    Typ de begindatum in of gebruik de kalender via .

    Einddatum:

    Typ de einddatum in of gebruik de kalender via .

  4. Vul de velden in de rubriek “Formulier” in.

    Veld

    Omschrijving

    Formulierdefinitie:

    Hier kun je een omschrijving intypen. Deze is zichtbaar in de behandelplantabel. Als je niets invult, wordt in de behandelplantabel de naam van het meetinstrument getoond.

    Omschrijving:

    Voordat je een meetinstrument kunt inplannen, moet je het eerst selecteren. Dat kan een al eerder gebruikt meetinstrument zijn, of een nieuw.

    Al eerder gebruikt meetinstrument selecteren

    In het kader “Testverslagen:” zie je de meetinstrumenten die al een keer gebruikt zijn in de verslaglegging van deze behandelepisode van de patiënt. Klik op het meetinstrument dat je wilt toevoegen.

    Nieuw meetinstrument selecteren

    Wil je een nieuw meetinstrument inplannen? Klik dan op de knop “Overige vragenlijsten” of “Overige testverslagen”. In het scherm “Formulieren selecteren” kun je vervolgens het betreffende meetinstrument zoeken.
    Dubbelklik op het gevonden meetinstrument om het toe te voegen aan de lijst.

    Het meetinstrument wordt toegevoegd aan de lijst en is automatisch geselecteerd:

  5. Klik op “OK” om het testverslag toe te voegen.
 

Een nieuw behandelplanonderdeel wordt in de lijst onder het geselecteerde onderdeel ingevoegd. Let daarom goed op, welk behandelplanonderdeel geselecteerd is.
Als je niets doet, blijft dat het eerste behandelplanonderdeel dat je ingevoerd hebt.
Selecteer (door erop te klikken) dus altijd eerst de regel, waarna of waarvoor je een nieuw behandelplanonderdeel wilt invoegen.

Een brief toevoegen en versturen

Door middel van het icoon “Te versturen brief toevoegen” kun je inplannen wanneer je een brief wilt versturen. De brief kun je ook direct aanmaken en versturen vanuit de tabel.

  1. Klik op .
  2. Klik op  en dubbelklik op het briefontwerp dat je later wilt versturen.
  3. Vul de overige velden in.
  4. Bewaar de gegevens (“F5” of  ).
  5. Als je op de regel van de brief klikt, is het icoon  beschikbaar. Als je hierop klikt, kun je de brief direct aanmaken en versturen.

Via deze manier heb je het behandelplan veel verder uitgewerkt en preciezer gemaakt.

 

Als je op een behandelplanonderdeel klikt, kun je via de iconen  en  het onderdeel wijzigen of verwijderen. Een behandelplanonderdeel kan alleen verwijderd worden, als er nog niets aan gewijzigd / op ingevuld is.

 

Je hebt gezien, dat je kunt aangeven of een behandelplanregel boven of onder de vorige regel moet komen. Zo kun je later ook nog regels tussenvoegen: klik in de lijst op een regel waarna een nieuw behandelplanonderdeel tussengevoegd moet worden. Voeg een behandelplanonderdeel in en geef daarin aan, dat deze na de geselecteerde regel moet komen.

 

Je ziet steeds, dat in het scherm “Behandelplanonderdeel” het soort onderdeel (Doel, Verrichting, Taak of Formulier) vermeld is. Je kunt daar nog voor een ander soort behandelplanonderdeel kiezen.

 

Na het invoeren van het eerste behandelplanonderdeel, wordt in elk volgende onderdeel steeds als begindatum, de begindatum van het vorige onderdeel voorgesteld.

 

In verband met het plannen van afspraken, is het een idee om de begin- en eindtijd van een verrichting of taak te koppelen aan een week. Dus de datum van maandag als begindatum en die van zaterdag als einddatum. Je kunt dan in de agenda ergens in die week de afspraak plannen en uitvoeren. Dit voorkomt het moeten bijstellen van de begin- en einddatum van een behandelplanonderdeel.

Als je later de datum van een behandelplanonderdeel wijzigt, blijft dit wel op dezelfde plaats in de lijst staan! Je ziet wel achter de begindatum met hoeveel dagen zo’n onderdeel verschoven is.
Als je de begindatum wijzigt, wordt de einddatum automatisch mee gewijzigd. De einddatum kun je los van de begindatum aanpassen.

Medewerkerkolom

In de behandelplantabel kun je de kolom “Uitvoerder” toevoegen. Dat stelt je in staat om een taak / verrichting / subdoel toe te wijzen aan een specifieke medewerker. Dat is met name handig als je met multidisciplinaire behandelteams werkt.

Klik op tabblad “1. Verslaglegging” van de behandelepisode, “Opties”, “Weergave-instellingen” en ga naar tabblad “3. Behandelplan”.

Vink het vak voor “Uitvoeren” aan en klik op “OK”. (Je kunt ook de kolommen “Aantal behandelingen” en “Afgerond op” zichtbaar maken of verbergen in de behandelplantabel.)
In de behandelplantabel is de kolom “Uitvoerder” toegevoegd.

 

Je kunt de kolomvolgorde wijzigen: klik in de kolomtitel van de kolom die je wilt verplaatsen en houdt de muisknop ingedrukt (er verschijnt een zwarte, verticale balk). Beweeg de muis naar links of rechts en laat de muisknop los op de plek waar je de kolom wilt plaatsen.

Via  kun je de taak / de verrichting / het subdoel toewijzen aan een specifieke medewerker. De betreffende medewerker (uitvoerder) ziet de taak / de verrichting / het subdoel vervolgens terug in zijn takenoverzicht.

Als de uitvoerder in een volgend formulier gewijzigd wordt, zie je tussen haakjes het nummer van de vorige uitvoerder van de taak / verrichting / het subdoel.

 

Soms is een behandelepisode afgeschermd. Als je dan in de behandelplantabel een uitvoerder kiest die niet bevoegd is om de behandelepisode in te zien, krijg je de volgende melding.

Klik op “Ja” om de medewerker toe te voegen als betrokkene op tabblad “10. Betrokkenen” van de behandelepisode.

Kolommen “Aantal behandelingen” en “Afgerond op”

  • In elke fase van het behandelprotocol (de blauwe regels), wordt in geval van een protocol het maximale aantal behandelingen voor die fase getoond in de kolom “Aantal”. In een behandelrichtlijn kun je het aantal behandelingen zelf invullen in deze kolom.
  • In de kolom “Afgerond op” kun je de datum registreren, wanneer het behandelplanonderdeel afgerond is.

 Alleen als er een behandelrichtlijn is gekozen, kan het “Aantal” gewijzigd worden. Als het een behandelprotocol is, kan het aantal niet aangepast worden.

In de kolom “Afgerond op” wordt de huidige datum ingevuld op het moment dat de optie “Afgerond” wordt aangevinkt. Deze datum kun je aanpassen (er op klikken en de datum wijzigen).

Voor het EffectiviteitsTraject (Plus praktijken) geldt, dat aan de hand van deze datum wordt bepaald of er sprake is van een afwijking van het protocol. Als de afronddatum van het laatst afgeronde behandelplanonderdeel, later ligt dan de door het protocol bepaalde einddatum, is dit de afwijking. Er wordt ook gekeken of het totaal aantal gegeven behandelingen gelijk of meer is dan het totaal van het aantal behandelingen uit het protocol. En als er meer dan 1 protocol gekozen is, wordt dat ook gezien als afwijking van het protocol.

Weergave van kolommen

Je kunt zelf bepalen of de nieuwe kolommen weergegeven worden. Via de weergave-instellingen kun je ze verbergen. Klik daarvoor in een behandelepisode, tabblad “1. Verslaglegging” op “Opties”, optie “Weergave-instellingen”, tabblad “3. Behandelplan”.

In de nieuwe rubriek “Zichtbare velden”, kun je de nieuwe kolommen “Aantal behandelingen” en “Afgerond op” uitvinken als je ze niet wilt laten tonen.

Als je een uitgebreid behandelplan hebt ingevuld, kun je het gaan gebruiken. Je kunt het vanuit de verslaglegging bij een behandeling én in het formulier “Behandelplan” benaderen. In de verslaglegging bij een behandeling wordt een voortgangsbewaking bijgehouden.

Tijdens het bijwerken van de tabel met het uitgewerkte behandelplan, kun je de lijst nog aanpassen. Je kunt onderdelen uit een uitgebreid behandelplan weghalen, wijzigen of weghalen.

 

Via de volgende link kun je het bijbehorende filmpje bekijken https://youtu.be/qppJYY3LUqc

Voortgangscontrole in een behandeling

  1. Ga naar menu [Bestand], [Agenda], dubbelklik op een behandeling en klik op tabblad “2. Verslaglegging”, OF
    ga naar menu [Bestand], [Patiënten], dubbelklik op de patiënt, klik op tabblad “4. Behandelepisodes”, dubbelklik op de behandelepisode en klik op tabblad “1. Verslaglegging” op het formulier “Behandeling”.
  2. Van de geplande afspraken is in de verslaglegging een sessieformulier “Behandeling” aangemaakt. Ga naar de tabel “Doelen en verrichtingen” met het uitgewerkte behandelplan.
  3. Vink bij een behandelplanonderdeel in de kolom “Gedaan” aan of je het uitgevoerd hebt.
  4. Typ zo nodig in de kolom “Commentaar” daarachter nog nadere informatie over het behandelplanonderdeel in.
  5. Vink de kolom “Afgerond” aan als je helemaal klaar bent met het behandelplanonderdeel (dus ook met de rapportage en verslaglegging) .
 

Je moet voor de volledigheid van de verslaglegging nog wel de rest van het formulier “Behandeling” invullen!

Als je na een uitgevoerde behandeling het behandelplanonderdeel niet afvinkt, blijft dat “open” staan. Afhankelijk van de begin-/einddatum wordt je per behandelplanonderdeel gewaarschuwd:

  • Als de huidige datum tussen de begin-en einddatum van een behandelplanonderdeel ligt, wordt de tekst in de attentiekleur gezet.

    Zo word je er dus op gewezen, dat er een doel of verrichting gepland staat op een bepaalde datum. Daarbij gebruikt Intramed de datum van het formulier “Behandeling” als controledatum.
    In het voorbeeld is dat 20-07-2011. Je ziet, dat het doel actueel (de einddatum ligt verder) maar nog niet afgerond is.  
  • Als de einddatum verlopen is, krijgt de achtergrond van dat onderdeel de attentiekleur:

    Zo word je er dus op gewezen, dat er een doel of verrichting gepland stond op een bepaalde datum. 
    In het voorbeeld is dat 20-07-2011. Je ziet, dat het doel nog steeds actueel is (de einddatum ligt verder). Maar van de eerste verrichting is de einddatum verlopen.
 

Via een klik op het icoon  kun je afgeronde behandelplanonderdelen in de lijst verbergen. Hiermee zet je een filter aan: alle behandelplanonderdelen, die op “Afgerond” worden gezet, zie je niet meer in de lijst.
Klik je nogmaals op dit icoon, dan verschijnen die behandelplanonderdelen weer in de lijst.

Onderdelen wijzigen, verwijderen of verplaatsen

Via de iconen boven de tabel kun je onderdelen wijzigen, verwijderen en/of verplaatsen:

  • Je kunt een behandelplanonderdeel wijzigen door middel van het icoon  .
  • Je kunt een behandelplanonderdeel verwijderen door middel van het icoon .
  • Door middel van de pijliconen kun je behandelplanonderdelen naar boven  of beneden  verplaatsen in de tabel.


Je kunt alleen een ongewijzigd onderdeel uit een uitgebreid behandelplan verwijderen.

Onderdelen aan een uitgebreid behandelplan toevoegen

Je kunt vanuit de verslaglegging bij een behandeling én in het formulier “Behandelplan” uit de verslaglegging onderdelen aan een uitgebreid behandelplan toevoegen. Voor meer informatie, ga naar de “Zie ook” lijst onderaan deze uitleg.

Veld “Commentaar”

Als in een sessiejournaal bij een bepaald behandelplanonderdeel (bijvoorbeeld een doel, taak, verrichting) het veld “Commentaar” niet is ingevuld, zie je het commentaar uit het laatste voorgaande formulier. Om aan te geven, dat dit veld niet is ingevoerd in het geopende formulier, wordt de tekst met een andere kleur tussen haakjes gezet, voorafgegaan door de datum waarop het is ingevoerd.

Dit komt bijvoorbeeld goed van pas als je gestopt bent met een behandelplanonderdeel. Bijvoorbeeld vanwege “verrichting verergert de pijn”. Je verwijdert dit onderdeel niet. In plaats daarvan vul je het commentaar in dat ook zichtbaar is in de volgende sessiejournaals. Zo zie je ook later in het behandeltraject waarom je met die verrichting bent gestopt.

De begin- / einddatum van een onderdeel uit een uitgebreid behandelplan wijzigen

Stel, je wilt de begindatum van een onderdeel uit een uitgebreid behandelplan aanpassen. Dit kan gemakkelijk in de lijst.

  1. Klik op de begindatum van een onderdeel uit een uitgebreid behandelplan.
  2. Typ de datum in of gebruik de kalender via .
  3. Je ziet achter de begindatum met hoeveel dagen het onderdeel verschoven is. Als je de begindatum wijzigt, wordt de einddatum automatisch aangepast.

Stel, je wilt de einddatum van een onderdeel uit een uitgebreid behandelplan aanpassen.

  1. Klik op de einddatum van een onderdeel uit een uitgebreid behandelplan.
  2. Typ de datum in of gebruik de kalender via .
  3. Je ziet achter de einddatum met hoeveel dagen het onderdeel verschoven is.
 

Door het verschuiven van een begin- of einddatum wordt de voortgangsbewaking natuurlijk wel beïnvloed.

Een meetinstrument (vragenlijst) oproepen

Als er in de verslaglegging bij een behandeling een onderdeel uit een uitgebreid behandelplan type “Doel” met een meetinstrument (vragenlijst) beschikbaar is, kun je dat meetinstrument direct vanuit de tabel aan die behandeling toevoegen.

  1. Klik op tabblad “1. Verslaglegging” van een behandelepisode op een formulier “Behandeling” .
  2. Klik op het onderdeel uit een uitgebreid behandelplan.
  3. Klik op het erbij gekomen icoon “Meetinstrument …. toevoegen” (of kies deze optie via het menu wat je met een rechtermuisklik op het behandelplanonderdeel oproept).
  4. Het meetinstrument (de vragenlijst) wordt toegevoegd aan het verslagleggingsformulier en direct geopend voor invulling.
    Je kunt per behandeling waarin je dit meetinstrument toepast, de doelwaarde wijzigen. Stel, je wilde in eerste instantie de doelwaarde 200 bereiken. Als na een aantal behandelingen blijkt, dat de doelwaarde bijgesteld kan worden tot 150, kun je dat in de lijst aanpassen.
  5. Klik in de lijst in de kolom “Doel” van het onderdeel uit een uitgebreid behandelplan.
  6. Wijzig de doelwaarde;
    je ziet achter de nieuwe doelwaarde tussen haakjes de aanpassing.
  7. Druk op “Enter” of klik op een andere plaats in het formulier om de verandering te bewaren.

Doelwaarde versus meetwaarde

Omdat je bij meetinstrumenten (vragenlijsten) een doelwaarde kunt ingeven (zie onderaan deze uitleg)., kun je in het grafische overzicht van de meetresultaten de verhouding tussen de (aangepaste) doelwaarde (de doellijn) en de waarde per ingevulde vragenlijst zien.

De doellijn stopt op het moment dat een doel wordt afgesloten, anders loopt hij door tot de laatste datum in de grafiek.

In dit voorbeeld zie je, dat de klachten meer en sneller verminderen dan eerst ingeschat. De schatting was dat in deze periode de klachten tot PSK totaalscore 250 zouden afnemen.

Na de derde test is de doelwaarde dan ook bijgesteld tot PSK totaalscore 200.

Na de vierde test is de doelwaarde weer aangepast naar PSK totaalscore 180.

 

Net als alle andere scorelijnen in deze grafiek, kun je ook de lijn van de doelwaarde uit- en aanvinken.

Een tussenevaluatie toevoegen

Als er in de verslaglegging bij een behandeling een onderdeel uit een uitgebreid behandelplan type “Tussenevaluatie invoegen” beschikbaar is, kun je het bijbehorende formulier direct vanuit de tabel aan die behandeling toevoegen.

  1. Klik op het behandelplanonderdeel.
  2. Klik op het nu beschikbare icoon “Formulier …. invullen” (of kies deze optie via het menu wat je met een rechtermuisklik op het behandelplanonderdeel oproept).
  3. Het formulier wordt toegevoegd aan het verslagleggingsformulier en direct geopend voor invulling.

Een brief toevoegen en versturen

Door middel van het icoon “Te versturen brief toevoegen” kun je inplannen wanneer je een brief wilt versturen. De brief kun je ook direct aanmaken en versturen vanuit de tabel.

  1. Klik op  om een brief in te plannen.
  2. Klik op  en dubbelklik op het briefontwerp dat je later wilt versturen.
  3. Vul de overige velden naar eigen inzicht in.
  4. Bewaar de gegevens (“F5” of  ).
  5. Als je op de regel van de brief klikt, is het icoon  beschikbaar. Als je hierop klikt, kun je de brief direct aanmaken en versturen.

Actuele behandelplanonderdelen

Door middel van een actief -icoon zie je in de behandelplantabel alleen de actuele onderdelen. Standaard betekent dat, dat er maximaal 10 dagen vooruit gekeken wordt. In de tabel zie je dan alleen verlopen behandelplanonderdelen en onderdelen die een begindatum hebben tussen vandaag en 10 dagen verder. 
In de behandelplantabel van een sessiejournaal wordt gekeken naar de behandeldatum. Dus dan worden alleen verlopen behandelplanonderdelen en onderdelen die een begindatum hebben tussen de behandeldatum en 10 dagen verder getoond.

De grens van 10 dagen kun je aanpassen. Klik dan in de behandelepisode op tabblad “1. Verslaglegging”, “Opties”, “Weergave-instellingen”. Klik op tabblad “3. Behandelplan”. Bij het veld “Maximaal aantal dagen vooruitkijken:” kun je het aantal dagen aanpassen.

In de rubriek “Zichtbare velden” kun je kolommen zichtbaar maken of verbergen in de behandelplantabel.